
Als je leeft met een ziekte als ME, hoor je het vaak: je moet goed je grenzen bewaken. Het klinkt verstandig. Noodzakelijk zelfs. Maar zelden wordt erbij gezegd hoe moeilijk dat eigenlijk is.
Want grenzen zijn niet strak omlijnd. Ze verschuiven. Soms voel je ze pas als het te laat is. En dan nog: het ene moment lukt het wél om nee te zeggen, het volgende moment ga je tóch over je grens, uit schuldgevoel, hoop, sociale druk of simpelweg omdat je het zó graag wilt.
Toch is grenzen stellen naar anderen toe, essentieel als je wilt overleven met beperkte energie. Het vraagt oefening, vallen en opstaan, en een portie lef om ongemakkelijke keuzes te maken. In dit artikel delen we een aantal praktische tips die je kunnen helpen. Geen zweverige adviezen, maar concrete handvatten om jezelf serieuzer te nemen en je energie te beschermen.
Wie chronisch ziek is, doet er goed aan grenzen te stellen naar anderen toe.
Een eenvoudige zinnetje hè, maar o zo ingewikkeld in de praktijk.
Want wie is er eigenlijk goed in? Wie weet precies wanneer het genoeg is geweest, en durft dat dan ook nog uit te spreken tegen anderen, maar óók tegen zichzelf? Zeker als je leeft met een ziekte als ME, waarbij je energie heel kostbaar is, herstel fragiel is en de gevolgen van over je grens gaan dagenlang voelbaar kunnen zijn.
Het lijkt soms alsof grenzen stellen een soort vaardigheid is die je gewoon maar moet beheersen als je chronisch ziek bent. Alsof je een sukkel bent als je toch nog een telefoontje aanneemt, iets te lang op een verjaardag blijft, of je laat overhalen voor een Zoom-meeting terwijl je lijf eigenlijk allang op tilt slaat.
Maar grenzen zijn niet altijd helder. Ze verschuiven per dag, per uur. En grenzen aangeven is hartstikke moeilijk, en stuit bovendien vaak op onbegrip. Het leidt tot pijnlijke keuzes, gemiste momenten en schuldgevoel.
Grenzen stellen vraagt om scherp luisteren naar de signalen van je lijf die anderen natuurlijk niet zien. Het laat je keuzes maken die soms tegen je verlangen ingaan. Het dwingt je soms uitleg geven zonder jezelf te verantwoorden.
Dat is wel te leren. Langzaam en met vallen en opstaan. Want ee zijn zelden vanuit onszelf meteen goed in grenzen stellen. Het vraagt oefening en jezelf serieus nemen.
Het kan helpen om wat handvatten te hebben. Dus hierbij:
Praktische tips om grenzen te stellen als je ziek bent
🔹 Wees duidelijk, niet vaag
Zeg liever: “Ik kan 10 minuten bellen, daarna moet ik rusten”
dan: “Ik ben een beetje moe, dus misschien lukt het niet”
→ Duidelijkheid voorkomt dat je overgehaald wordt.
🔹 Gebruik tijd als houvast
Werk met vaste rustmomenten en maximale duur voor contact:
– “Bezoek maximaal 20 minuten”
– “Na 17:00 beantwoord ik geen berichten meer”
→ Zo wordt het routine en geen discussie.
🔹 Zeg waarom, zonder je te verantwoorden of te verdedigen
Een korte toelichting helpt de ander:
– “Als ik nu doorga, lig ik morgen plat”
– “Na bezoek moet ik altijd lang herstellen”
→ Je legt het uit, zonder jezelf te moeten verdedigen.
🔹 Herhaal rustig, zonder discussie
Als iemand toch doorduwt, blijf dan bij je punt:
– “Ik snap dat je me graag wilt spreken, maar het lukt echt niet vandaag.”
→ Herhaling is vaak sterker dan verdediging.
🔹 Zorg voor vaste voorbeeldzinnen
Soms ben je te moe om iets uit te leggen. Dan helpt het wat vaste zinnen op voorraad te hebben:
-“Ik heb vandaag een rustdag nodig”
– “Ik sluit nu af, mijn energie is op”
– “Ik ben te moe om te praten, ik trek me even terug.”
– “Het is me te veel. We praten een andere keer verder.”
– “Ik heb je bericht gelezen maar ik ben vandaag te ziek om te reageren. Ik reageer als ik me iets beter voel.”
→ zo trek je toch een duidelijke grens.
En jij? Wat helpt jou om je grens te voelen en er ook naar te handelen? Heb je tips?